Nickerie.Net, zaterdag 11 juni 2016


Impeachment - Afzettingsprocedure bij veroordeling van de president

In de internationale beoordelingen over persvrijheid en democratie is sinds april 2012 toen de Amnestiewet werd aangepast ten voordele van de verdachten van het 8 decemberstrafproces op initiatief van het parlement van Suriname zelf, meerdere malen melding gemaakt van de stremming van het proces. Deze stremming vond plaats na de aanvulling van de amnestiewet en het opschorten van de zaak vanwege onduidelijkheid. Er werd verwezen naar de geanticipeerde instelling van het Constitutioneel Hof. Door de vorige regering zijn pogingen ondernomen om het Constitutionele Hof in te stellen, maar tot een afronding is het niet gekomen. In de tussentijd zijn er pogingen ondernomen om een waarheidscommissie in te stellen als vervanging van de rechtszaak en is er een interview geweest met een nabestaande. Er werd door de hoofdverdachte in het begin gevraagd om een onderzoek, toen het onderzoek begon was er geen medewerking in het proces zelf. Toen de amnestiewet werd aangenomen, werd gesteld dat de hoofdverdachte daar niets mee te maken heeft gehad.

Toen enkele maanden geleden de rechtszaak weer aanving, werd echter wel beweerd dat de rechterlijke macht geďnfiltreerd was door buitenlandse krachten. Dat zijn allemaal tegenstrijdige gegevens. Door de Krijgsraad is donderdag een zitting in het 8 decemberstrafproces gehouden, waarin er weer een knooppunt is bereikt. De schorsing is opgeheven, op 30 juni moet de vervolging een strafeis doen. Dat betekent dat we in Suriname in zeer gevaarlijke tijden leven. Het Hof van Justitie heeft op 27 november 2015 het OM bevolen verder te vervolgen in de zaak. Dit was een verzoek van nabestaanden, die ook vroegen aan het OM om de opheffing van de schorsing te vorderen. De vertegenwoordiger van de nabestaanden meldde eerder dat het OM de opheffing van de schorsing van de vervolging niet had gevorderd. De indruk was dat het OM nog steeds bang was, terwijl de Krijgsraad voort wilde gaan. Uiteindelijk is daags terug de schorsing van de vervolging van het 8 decemberstrafproces opgeheven. Dat betekent dat de amnestiewet niet van toepassing is volgens de Krijgsraad.

De raad nam dit besluit omdat hij vond dat na vier jaar wachten er nog steeds geen zicht is op de instelling van het Constitutioneel Hof. Dit hof moest uiteindelijk ook de Amnestiewet toetsen aan grondwettelijkheid. Ook zou aan de orde zijn dat de rechterlijke macht haar plicht om binnen redelijke termijn een zaak te beslechten, aan het verzaken zou zijn. Opmerkelijk is ook een besluit van de Krijgsraad dat de nabestaanden een schadeclaim kunnen indienen conform jurisprudentie van het Inter-Amerikaanse Hof van de Rechten van de Mens. De betreffende rechter die hier besluiten heeft genomen, is eerder gewraakt omdat zij banden zou hebben met een bepaalde politieke partij.

De vraag rijst nu of, nu de amnestiewet ‘ter zijde is geschoven’, de hoofdverdachte niet onderhevig raakt en gevoelig wordt voor de ‘impeachment’-bepalingen die in onze grondwet voorkomen. We hebben een impeachment-debacle gehad eind jaren ’90 met president Wijdenbosch. De grondwet was voor sommigen duidelijk en voor sommigen weer niet. In elk geval bepaalt art. 74 dat DNA de taak heeft om de president (en de vp) te kiezen en het besluit te nemen tot tussentijds doen aftreden van de president (en de vp). Art. 83 lid 3 bepaalt dat een meerderheid van tenminste 2/3 deel van het grondwettelijk aantal leden van DNA vereist is voor het nemen van een besluit inzake het kiezen van de president en het houden van een volksraadpleging. Artikel 91 zegt dat de ambtstermijn van de president eindigt bij de beëdiging van een nieuw gekozen president. Indien het ambt vacant wordt, begint voor de daaropvolgende gekozen president een nieuwe ambtstermijn.

In 2010 speelde art. 92 dat bepaalt dat om president te kunnen worden gekozen, een kandidaat o.a. geen handelingen moet hebben verricht strijdig met de grondwet, verwijzend naar de staatsgreep en 8 december 1982. Verder bepaalt art. 98 Dat het ambt van de president wordt waargenomen door de vp indien conform artikel 140 een vervolging tegen de president wordt ingesteld. Artikel 140 geeft op zijn beurt aan dat politieke ambtsdragers wegens misdrijven, in die betrekking gepleegd, ook na hun aftreden terecht mogen staan voor het Hof van Justitie. De vervolging wordt ingesteld door de pg, nadat hij door DNA in staat van beschuldiging is gesteld.

Concluderend verwijzen we ter overdenking naar de grondwet (art. 181) die aangeeft dat de Verenigde Volksvergadering (DNA, DR en RR) bijeen komt (voor een derde stemming) bij het nemen van een besluit bij wet met gewone meerderheid van stemmen over het al dan niet aftreden van de president, indien DNA hiertoe niet tot overeenstemming geraakt. Het is interessant hoe de voortgang van het 8 decemberstrafproces zijn implicaties staatsrechtelijk zal hebben. De ontwikkelingen in DNA zijn daarvoor bepalend.

Bron/Copyright:
Nickerie.Net / DBS 11-06-2016

WWW.NICKERIE.NET

Email: info@nickerie.net

Copyright © 2016. All rights reserved.

Designed by Galactica's Graphics